Uiterlijk:
De granaatappel is een ronde enigszins uivorming vrucht ter grote van een
sinasappel. De leerachtige schil kan geel rood tot knalrood gekleurd zijn. Van
binnen wordt de granaatappel door witte vliezen verdeeld in partjes waarin zich
de pitjes met het vruchtvlees bevinden. Het roodgekleurde vruchtvlees zit vast
om de witte pitjes. De pitjes met het vruchtvlees zijn eetbaar.
Landen van herkomst:
Iran, Turkije, Israel, Spanje, Italië , Peru en Chili.
Aanvoer:
Het hele jaar rond.
Smaak:
De smaak van de granaatappel is fris zuur. Er wordt vaak gezegd dat de smaak
tussen die van rode bessen en appel in ligt.
Narijpen:
Een granaatappel rijpt na bij kamertemperatuur. De kleur van de schil verandert
na het plukken niet meer, maar het vruchtvlees kleur door van geel-rood naar
rood-bruin. De schil kan hierbij bruine vlekken gaan vertonen, maar dat beïnvloedt
het vruchtvlees niet.
Aansnijden:
Als u het vruchtvlees met de pitjes wilt gebruiken, halveer de granaatappel
en verwijder de pitjes met het vruchtvlees. Als u het sap wilt gebruiken, rol
de granaatappel enige tijd stevig over de schil ensnijd de granaatappel boven
bij de kelk v-vormig in. Als u nu voorzichtig op de schil duwt komt het sap
er langzaam uitgelopen.. Herhaal dit zonodig erg voorzichtig. (vlekken!!)
Bijzonderheden:
Het rode sap van het vruchtvlees en de schil geven erg moeilijk verwijderbare
vlekken. Granaatappelen zijn in de koelkast makkelijk meer dan een week te bewaren.
Ook op de fruitschaal houdt de granaatappel het wel even uit. Dan droogt alleen
de schil in.
Voedingswaarde per 100 gram:
| Calorieën: | 77 calorieën | Vitamine C: | 5 mg |